Wild West roadtrip (2/3): de surreële schoonheid van Utah
Roadtrip : Denver – Colorado Springs – Pikes Peak – Great Sand Dunes – Mesa Verde – Valley of the Gods – Goosenecks – Canyonlands – Moab – Arches National Park – Salt Lake City.
Utah is zo uitgestrekt dat we voor deze tweede visit kozen om enkel het oostelijke en noordoostelijke deel te bezoeken. Vandaar dat de aanloop wat onconventioneel was: via Colorado, langs ruige bergpassen en lege highways, tot we Utah binnenreden en eindigden in Salt Lake City.
Van Mile High City naar zandduinen en mesa’s.
Na de landing in Denver stapten we meteen in de huurauto richting Colorado Springs (ongeveer 1,5 uur rijden) om even te bekomen van de lange vlucht.
De volgende dag begon de roadtrip “officieel”. Niet via de snelste route, maar via de mooiste: een combinatie van scenic byways en rustige omwegen, omdat er simpelweg zoveel te zien en te doen is.
Vanuit Colorado Springs rijd je zo de bergen in. In een mum van tijd sta je tussen de besneeuwde toppen van de Rockies. Op Pikes Peak, een klassieke “fourteener” van ruim 4.300 meter, heb je bij helder weer een eindeloos uitzicht over de vlaktes van Colorado.

Daarna gaat het via Cañon City naar Great Sand Dunes National Park. Deze herbergen de hoogste zandduinen van Noord-Amerika, met toppen tot zo’n 230 meter hoog.

Het is een surrealistisch gezicht: een zee van zand aan de voet van besneeuwde bergen. Je kunt de duinen beklimmen; boven op een van de hoogste duinen word je beloond met een adembenemend uitzicht over de volledige zandvlakte, de vallei en de omliggende bergketens.
Vanuit de vallei rij je verder naar het zuidwesten, richting Mesa Verde National Park. Ook al is een groot deel van het bos hier de afgelopen jaren afgebrand, blijft dit UNESCO-werelderfgoed ronduit uniek. Rondrijden langs de viewpoints en, als het kan, een ranger tour boeken naar een van de “cliff dwellings” is absoluut de moeite.

De grens over: welkom in Utah
En dan steek je de grens over naar Utah. Van alle plekken die ik op deze wereld al heb gezien, blijft Utah een van mijn absolute favorieten.
Het landschap is van een uitzonderlijke puurheid: eindeloze plateaus, rode rotsformaties, diepe kloven en licht dat constant verandert. De sfeer is relaxed en een tikkeltje alternatief. Het eten is verrassend goed: veel kleine farm-to-table restaurantjes waar lokaal en seizoensgebonden wordt gekookt, vaak stukken beter dan wat je in meer toeristische delen van de VS krijgt.
Valley of the Gods, Monument Valley & Bluff
De klassiekers zoals Valley of the Gods en Monument Valley mochten natuurlijk niet ontbreken. Rijden over de dirt road in Valley of the Gods voelt als een privéversie van Monument Valley: dezelfde iconische buttes en mesas, maar dan met veel minder verkeer.

Een stop in het kleine stadje Bluff is
een aanrader, al is het maar voor een korte kennismaking met de geschiedenis
van de “settlers” en de Navajo- en Ute-cultuur (Setlers- en fortmuseum)
Canyonlands: eindeloze wildernis en hikers paradise
Minder bekend, maar minstens zo indrukwekkend, is Canyonlands National Park. Dit is een gigantisch, ruig landschap van kloven, plateaus en rotsformaties, ongeveer 1.365 km² groot. Je zou makkelijk een volle week kunnen vullen met alleen Canyonlands, als je alle districten en trails echt wilt verkennen.
Wij kozen voor de Needles District, het meer afgelegen deel van het park, en gingen hiken in Chesler Park. Dit is een open, grasachtig plateau omringd door kleurrijke, naaldvormige zandstenen torens. Het is behoorlijk inspannend, maar de uitzichten zijn op elk moment fenomenaal.

Canyonlands voelt nog rauw en onaangeraakt: minder druk, weinig voorzieningen, maar des te meer wildernis. Voor wie van serieuze hikes en stilte houdt, is dit pure magie.

Moab: outdoor hub met sfeer
Daarna gaat het richting Moab, een levendige outdoor hub in de woestijn. Groter, bruisender, maar nog altijd charmant. In Moab vind je veel restaurantjes en koffiebars, outdoorwinkels en bike rentals
Het is ook het ideale uitgangspunt om de twee grote nationale parken in de buurt te bezoeken: Arches en Canyonlands (Island in the Sky district).

Arches National Park doet zijn naam alle eer aan: meer dan 2.000 natuurlijke zandsteenbogen liggen verspreid over een relatief compact gebied.
Arches is heel goed te bezoeken met
de auto: de hoofdweg slingert langs de belangrijkste uitzichtpunten en met
korte wandelingen bereik je iconische.

Wie meer tijd heeft, kan langere hikes plannen en de drukte ontlopen. Wie het liever rustig houdt, kan al enorm veel zien met alleen de viewpoints en enkele korte trails. In alle gevallen: alleen maar superlatieven. Bij zonsopgang en zonsondergang kleurt het park in onwerkelijke tinten rood, oranje en roze.
Van Moab naar Salt Lake City
Tussen Moab en Salt Lake City liggen ongeveer 375 kilometer, een mooie dagrit. Het landschap verandert geleidelijk van rood woestijnsteen naar groene valleien en uiteindelijk de bergen rond Salt Lake.
En dan is het: tot de volgende keer, Utah.
Want één ding is zeker: hier kom ik terug. Er zijn nog zoveel canyons, mesa’s, hidden gems en kleine trails die wachten. Utah is geen eenmalige bestemming, het is een plek die onder je huid kruipt.
Utah, Arizona, Colorado: Hier begint jouw Western Road trip. Contacteer mij en ik ontwerp jouw droomreis, perfect afgestemd op jouw wensen, verwachtingen en budget.